Werking
De zonnecollector op het dak vangt zonlicht op en zet dit om in warmte. Deze warmte wordt via een speciale vloeistof (meestal een antivriesmiddel) naar het voorraadvat geleid, waar het water wordt verwarmd. Als de zon onvoldoende warmte levert, springt een naverwarmer (zoals een cv-ketel of warmtepomp) bij om het water op de gewenste temperatuur te brengen.
Een standaard zonneboilersysteem bestaat uit:
- Eén of meerdere zonnecollectoren (vlakke plaat of vacuümbuis)
- Een goed geïsoleerd voorraadvat
- Een pomp en regelsysteem
- Een naverwarmer (optioneel of geïntegreerd)
Toepassing
Zonneboilers zijn geschikt voor vrijwel alle typen woningen en kunnen gecombineerd worden met bestaande verwarmingssystemen. Ze worden vooral toegepast om warm tapwater te leveren, maar kunnen ook een bijdrage leveren aan ruimteverwarming (zogenaamde zonneboilercombi-systemen).
Voordelen
- Verbruikt geen gas of elektriciteit voor het verwarmen van tapwater
- Bespaart gemiddeld 40 tot 60 procent op het jaarlijkse energieverbruik voor warm water
- Draagt bij aan verlaging van de CO₂-uitstoot
- Komt in aanmerking voor subsidies (zoals de ISDE-regeling)
- Lange levensduur (meestal 20 jaar of langer)
Nadelen en aandachtspunten
- Relatief groot voorraadvat vereist voldoende ruimte binnenshuis
- Efficiëntie is afhankelijk van zoninstraling en oriëntatie van de collector
- Investering verdient zich pas op langere termijn terug
- Minder geschikt voor kleine huishoudens met laag warmwaterverbruik
Rendement
Het rendement van een zonneboiler wordt niet uitgedrukt in COP zoals bij warmtepompen, maar in de hoeveelheid gas die het systeem bespaart. In Nederland kan een gemiddeld huishouden jaarlijks tussen de 150 en 300 m³ gas besparen met een zonneboiler, afhankelijk van het gebruik en de systeemgrootte.
Subsidie
De zonneboiler komt in aanmerking voor subsidie via de ISDE-regeling. De hoogte is afhankelijk van het type systeem en de grootte van het voorraadvat.